Doorzetten met de vlam in de pijp

Als vrouw een failliet transportbedrijf overnemen en meteen door de crisis van 2008 in de gracht worden gereden: de start liep niet echt op wieltjes bij Sprint Transport van Alexandra Limage. Sinds vorige week mag ze zich Vrouwelijke On-dernemer van het Jaar noemen. Dat is een sterk staaltje ‘vlam in de pijp’ dat wei-nig mannen haar nadoen. “De tijd dat ik op events te horen kreeg: 'Wat komt dat meiske hier doen?', is gelukkig voorbij.”

The day after. Terwijl de bloemstukken en felicitaties binnenlopen, kijkt Alexandra Li-mage op kantoor samen met haar medewerkers glunderend naar het middagjournaal op één, waar Wim De Vilder de reportage aankondigt die hier zonet werd gefilmd. Voor ie-mand die maar een paar uurtjes geslapen heeft, komt de Womed-winnares nog stralend voor de dag. In de gang hangen reserve outfits om alle fotografen en cameraploegen die vandaag passeren ter wille te zijn. “Ben ik vanaf nu een BT (Bekende Transporteur)?” Het succes smaakt zoet, ook voor de medewerkers, na een start van spartelen om te overleven.

Weinig dames dromen ervan ‘de baan te doen’, maar toen Alexandra Limage (42), in ’99 nog aan de slag in de immobiliën, die advertentie zag ‘Transportbedrijfje zoekt bestelwa-genchauffeur en administratieve duizendpoot’, voelde ze zich uitgedaagd. “Ik heb daar alles van a tot z geleerd. Ik had nog nooit in een bestelwagen gereden en plots moest ik met een gehavend Renaultje zonder achteruitkijkspiegel gaan laden en lossen. Ik deed nationaal en internationaal vervoer, van Zweden tot Oostenrijk, met een bak vol wegenkaarten naast me. Want een gps bestond nog niet, laat staan de huidige communicatie- en trac-kingmiddelen.”

“Ik leerde vrachtbrieven invullen, vrachten zekeren, de hele planning op poten zetten, de maandelijkse facturatie doen. Maar ik heb daar ook geleerd hoe het níét moest. De baas liet me zowat de hele zaak runnen, maar op het financiële had ik weinig zicht. En daar bleek van alles niet te kloppen. Mijn baas noemde de btw-controleurs gangsters en de RSZ de maffia. Als het hem niet zinde, betaalde hij gewoon niet. We zaten in een pand waar de grootste vrachtwagens niet eens binnen konden. Veel van die wagens hadden geen ver-voersvergunning, er was voortdurend de stress van controles. En hijzelf reed rond met acht auto's, op kosten van de zaak. Het was puur wanbeheer, waar het bedrijf wel aan ten onder moest gaan.”

Padden en kikkers

Begin 2008 viel het verdict: failliet. “Mijn man en mijn schoonvader herinnerden me aan wat ik zo vaak had gezegd: 'Wat die man kan, kan ik beter.' Het moest toch mogelijk zijn om in dit land nog een transportbedrijf te runnen, zonder gefoefel met RSZ of

belastingen, zonder onderbetaalde buitenlandse chauffeurs, gewoon correct, volgens het boekje? Van de belangrijkste klanten, waaronder kranten- en tijdschriftenverdeler AMP, kreeg ik de mondelinge toezegging dat we verder konden samenwerken. Met de mede-werkers had ik een goed contact, die stonden achter mij. Ik deed de curator van het fail-lissement een bod om het handelsfonds over te nemen. Ik haalde het nipt van een con-current en legde 115.000 euro - al mijn spaarcenten - op tafel. Daarmee had ik dan wel het handelsfonds, maar nul werkingsmiddelen. Ik had 16 werknemers te betalen, een paar stokoude bestelwagens, één vrachtwagen en een pand waarvan de eigenaar de huur wilde verdubbelen. Dat kon ik niet betalen, dus reed ik heel Limburg af op zoek naar een goedkoper pand. Dat werd een vervallen loods, hier op het industrieterrein Centrum-Zuid in Houthalen. Het was er ijzig koud, we zaten daar met dikke jassen aan. Muizen en ratten waren er thuis. Als het binnen regende kreeg ik padden en kikkers op bezoek in mijn bureau, je rook de urine van ongedierte in het magazijn. Bij de kringloop-winkel haalden we verwarmingstoestellen en andere spullen, dat zou onze favoriete shop worden.” 

“Ik wist weinig van ondernemen, wél dat ik me goed moest omringen: een goede boek-houder, een verzekeringsagent en vooral een bankier, die bereid was me 40.000 euro overbruggingskrediet te geven, anders hadden we het niet gered. Helaas bleek ik ook een advocaat arbeidsrecht nodig te hebben, om mijn voormalige werkgever buiten te werken. Die deed zich bij klanten nog steeds voor als baas van het bedrijf en schilderde mij achter mijn rug af als een omhooggevallen secretaresse die zich voor zaakvoerster uitgaf. Die man werd mijn eerste ontslag.”

‘Hallo, ’t is met de crisis!’

“Net toen we dachten dat we goed doorgestart waren, precies tien jaar geleden, vielen op korte tijd de opdrachten van klanten stil. Heel bizar, ik weet nog dat ik mezelf op-belde om te checken of mijn telefoon nog werkte. Maar het bleek de bankencrisis die in alle hevigheid losbarstte: een terugloop in bedrijfsactiviteiten voel je meteen in de vraag naar transport. We sloten 2008 af met 66.000 euro verlies, een drama.”

[...]

 

Hoe het verhaal van Alexandra Limage verderloopt? Dat ontdek je deze maand in ZO Magazine!

TEKST Herman Van Waes   - FOTO'S Luc Daelemans