Jeroen De Wit - Teamleader: Groei in tijd, cijfers en gemak

Elke week pikken wij een stukje uit een van de vele ondernemersverhalen die in 'Vele (om)wegen naar groei' gebundeld zijn. Omdat het inspirerende verhalen zijn, waar iedere ondernemer wel iets van opsteekt. Deze week is het de beurt aan Jeroen De Wit van Teamleader.

Sinds 2012 helpt Teamleader bedrijven, en dan vooral kmo’s, om sneller en slimmer te werken, een onmiddellijke winst in tijd en centen. Via de combinatie CRM, projectmanagement en facturatie in één softwareapplicatie zorgt Teamleader ervoor dat kmo’s zich weer kunnen richten op wat voor hen echt telt: hun bedrijf. Een succesvol concept, getuige de 5000+ kmo’s die ondertussen met Teamleader aan de slag zijn. Ook intern maakt het bedrijf een spectaculaire groei door, van nul naar 142 werknemers in vijf jaar tijd. Pluimen op de hoed van oprichter en CEO Jeroen De Wit, die hij graag deelt met zijn collega’s, medewerkers en klanten. Teamleader kreeg van Unizo de titel ‘Meest beloftevolle KMO van het jaar 2016-1017’.

Groei overkomt je natuurlijk niet zomaar. Als ondernemer ga je ernaar op zoek vanuit een zekere nieuwsgierigheid. En ik ben gewoon héél nieuwsgierig van aard. Mijn moeder heeft me ooit een bladwijzer gegeven met de uitspraak ‘Bij de moed om te starten hoort ook de moed om vol te houden’. Ik verveel me ontzettend snel en uit verveling geef ik dingen nogal snel op. In een groeiende organisatie als Teamleader is die verveling er nooit. Voor het eerst in mijn leven kost het me geen moeite om vol te houden. Elke uitbreiding is een nieuwe uitdaging voor de eerste keer, voor mezelf en de organisatie. Continu groeien sluit gewoon heel nauw aan bij mijn karakter.

Vree wijs!

Het gegeven kmo vind ik – om het op z’n Gents te zeggen – ‘vree wijs’. Mensen die met passie en ambitie keihard werken om van hun onderneming een rendabel verhaal te maken en zo een hoop werkgelegenheid creëren. Zonder garantie op succes. Chapeau. Ik herken mezelf in de waarden van de kmo-leider. Iemand die niet vies is van een beetje risico, die een team wil uitbouwen en mensen wil meenemen in zijn verhaal, die met dat verhaal anderen wil inspireren. Maar ook iemand die zich ten dienste stelt, die problemen van anderen wil aanpakken en oplossen.

Kmo’s zijn een fantastische motor voor onze maatschappij! Als je de financiële sector niet meerekent, is 99% van de Europese bedrijven een kmo, daar zijn gigantisch veel mensen bij betrokken. Er leeft zoveel ondernemerschap hier. Ik vind het fantastisch om dat te kunnen ondersteunen, om via onze applicatie voor die mensen een meerwaarde te zijn in tijd en winst.

Qua digitale transformatie is er binnen de kmo-wereld nog een enorme stap te zetten. Als je bedenkt dat 40 tot 50% van onze nieuwe klanten geen software gebruikte vóór Teamleader, dan zie je meteen dat er nog een groot groeipotentieel is.

De ultieme droom is een brand neerzetten. Commercieel betekent dat marktleider worden in Europa. Maar we willen vooral een sterk merk zijn waarmee zowel klanten als medewerkers zich kunnen vereenzelvigen. En ons ultieme doel is kmo’s helpen, dat blijft vooropstaan. Dat maakt dat we bewust limieten stellen aan de groei. Als de kwaliteit verloren dreigt te gaan, zullen we het tempo bewust afremmen om ‘op onze positieven te komen’. Volgend jaar sneller groeien maar meer ontevreden klanten zien, nee … dat is het me niet waard.

Van whizzkid tot student-ondernemer

‘Ondernemerschap, kan je dat leren?’, vroeg iemand me onlangs. Goh, ik denk dat er veel geoptimaliseerd kan worden, maar die ondernemersspirit zit toch in je bloed. Als kind al kon ik niet stilzitten, ik was altijd wel met iets bezig. Ik maakte websites, speelde dj op trouwfeesten … Mijn jeugd was gewoon één groot en leuk experiment (lacht).

Op de lagere school ben ik websites beginnen te bouwen, ook weer uit pure nieuwsgierigheid. In het eerste of tweede leerjaar had ik met Word leren werken, vrij vroeg in die tijd. Al snel ontdekte ik dat je een document als een html-document kunt opslaan en dat je dat kan visualiseren op het web. Ik was vertrokken. Vanuit Word heb ik toen allerlei miniwebsites gemaakt. De grootste fun voor mij is de ontdekking. Gewoon experimenteren, je niet afvragen ‘kan dit wel?’ Proberen, zien of het lukt, de reacties van anderen peilen, daaruit leren en voortgaan.

Tijdens mijn studies Grafische en Digitale Media heb ik samen met mijn vrienden Willem Delbare en Pieterjan Criel een webdesignbureau opgericht, RGBScape. Slechte naam trouwens, vijf medeklinkers achter elkaar, niemand kan dat uitspreken (lacht). Niet gemakkelijk in het begin. Er was nog niet zoveel ondersteuning voor jonge bedrijven, men sprak toen ook nog niet over start-ups. De middelen die er momenteel zijn om je ideeën tot uitwerking te brengen, de instanties die je helpen om een bedrijf op te starten, die waren er toen nog niet. Het was een enorm kluwen en mijn middelbare studies economie-wiskunde hadden me niet voldoende voorbereid op de praktijk van een eigen bedrijf. Die eerste stappen, dat was zwoegen. Niet dat ik er rouwig om ben. Het was een geweldige leerschool. Groeien met vallen en opstaan. En met het eerste geld dat we verdienden met RGBScape hebben we een Wii gekocht. Dat was onze drijfveer (lacht).

In 2010-2011 wonnen we met RGBScape de titel van ‘Gentse student-ondernemer’ van de Stad Gent. Dat heeft ons een enorme boost gegeven. Ik werd daardoor veel gevraagd om te gaan spreken, ontmoette diverse mensen, kwam op veel plaatsen en begon ook andere mensen te coachen. Het is superverrijkend om zoiets op jonge leeftijd te kunnen meemaken. Alweer een fantastische leerschool.

Het grote waarom

Ik wil begrijpen. En liefst door inhoudelijke discussies te voeren over wat ik wil begrijpen. Gewoon klakkeloos aanvaarden dat iets zo is, omdat iemand anders het zegt, dat is niet voldoende voor mij. Toen ik een jaar of zeventien was, was ik daar zelfs heel principieel in. Waarom mag iemand mij lesgeven, vroeg ik me af. Heeft die leerkracht wel praktijkervaring? Ik stelde dat in vraag. Niet dat ik last heb met autoriteit, maar ik wil begrijpen waaróm de dingen zijn zoals ze zijn. Ik wil mijn eigen rol spelen en begrijpen in het grotere geheel.

En als we het dan toch hebben over onderwijs, dat houdt me wel bezig. Ik denk dat er hervormingen nodig zijn om de mensen van de toekomst op de juiste manier te vormen, te motiveren en klaar te maken voor de arbeidsmarkt. Ik zie hier soms mensen binnenkomen met twee masterdiploma’s, maar ze hebben geen idee wat ze willen doen. Ze zijn zo breed gevormd dat ze geen expertise in de diepte hebben. Wij gaan nu een programma opzetten van achttien maanden in totaal waarbij we jongeren opleiden in sales en marketing. Zo maken ze kennis met het bedrijfsleven, misschien vinden zij wel een richting die hen interesseert en kunnen we er een groeipad aan koppelen.

Ik ben een groot voorstander van levenslang leren. Waarom bijvoorbeeld niet even stoppen met studeren als je achttien bent? Je werkt een paar jaar, je doet praktijkervaring op, je leert jezelf, je talenten en je interesses beter kennen. En op je 25 ga je weer studeren. Ik zie veel mensen rond me die niks doen met het diploma dat ze gehaald hebben. Maar de maatschappij heeft wel in die studie geïnvesteerd, hé! Je kan dan toch maar beter weten waaraan je begint.

Sterktes en zwaktes

Ik wil graag iets maken dat telt. Mijn eigenbelang is in deze fase ondergeschikt. Ik doe dit voor het bedrijf, voor de brand, ik wil samen met een groep mensen iets bewijzen. Het leuke is dat ik goed mensen kan motiveren, enthousiasmeren en meenemen in een verhaal. Die kwaliteit komt me goed van pas. Ja, je kan als CEO altijd met de pluimen van een ander gaan lopen, maar ik vergeet de inzet van anderen nooit. Ik kan het ego loslaten. Je moet dat ego inzetten waar het nodig is, om dingen gedaan te krijgen, maar alweer in functie van het bedrijf.

Ik hou daarom ook wel van een speak up-mentaliteit. Mijn woord is het woord van God niet. Ik maak ook fouten en mensen moeten me daarover kunnen aanspreken. Het triggert me net als mensen me durven tegenspreken, daar kan ik toch alleen maar van leren?

Ik ben me bewust van mijn zwakke kanten, dat is een ook sterke kant (lacht). Ik moet bijvoorbeeld nog groeien in communicatie. Ja, ik praat graag en veel en snel (lacht), maar ik kan nog bijleren in het duidelijk omschrijven van expectations. Da’s een gevaar in een organisatie: je denkt dat iets gezegd is, maar dat is niet zo. Of je denkt dat iedereen dezelfde verwachtingen heeft terwijl dat niet zo is. Transparanter zijn, verwachtingen scherper formuleren, da’s een werkpunt. Als iedereen je begrijpt en de neuzen staan in dezelfde richting, dan is dat bevorderlijk voor de groei van een bedrijf.

Maar ik zei het al, ik ben snel verveeld, dus als je mij honderd keer vraagt om de story van Teamleader te vertellen, dan triggert mij dat niet. Maar in een organisatie die zo snel groeit, is het wel belangrijk om dat verhaal vele malen te vertellen, zodat iedereen die basiswaarden kent. Het is belangrijk dat mensen in een bedrijf weten waarom bepaalde keuzes gemaakt worden. Ik denk dat ik die vorm van communicatie toch wat onderschat heb. En we zijn kritisch voor onszelf, dus daaraan wordt gewerkt (lacht).

En delegeren. Dat moet ik ook leren. Niet alles wat je zelf doet, doe je beter. Daar had ik het in het begin moeilijk mee, en er zijn nu nog altijd taken die ik liever bij mezelf hou. Maar de organisatie groeit, je impact wordt indirect en trager, je moet dus dat vertrouwen geven. Vanuit het oogpunt van groei maakt delegeren je uiteindelijk sterker.

De chemie tussen werk en privé

Eigenlijk kan ik bijzonder goed relativeren. Soms zeggen ze: ‘Het uiterste van relativeren is uitstelgedrag.’ (Lacht) Daar heb ik in mijn jeugd veel last van gehad, maar nu kan ik gezond relativeren. Dat helpt ook wel in deze job. Soms zit het eens tegen, maar de volgende dag sta je op, ga je naar je werk en blijkt het allemaal nog mee te vallen.

Mijn vriendin zegt vaak: ‘Jij hebt geluk, hé. Je job is voor jou je hobby.’ En dat klopt ergens wel. Mijn passie is mijn job en omgekeerd, al wil dat niet zeggen dat het niet minder inspannend is. Het vergt veel van je. Maar ik kan het werk ook loslaten als het nodig is. Ik werk bewust niet in het weekend, dan maak ik tijd voor mijn gezin om de work-life balance te bewaren. Mensen vinden dat soms vreemd. ‘Kan dat wel’, vragen ze zich af. Ja, het kan. Ik ben het bewijs.

Wil dat zeggen dat ik op zaterdag en zondag niet bezig ben met het bedrijf? Toch wel, maar in gereduceerde vorm. Zeven dagen op zeven alleen maar leven voor je job, dat is niet haalbaar in the long run. De chemie tussen mijn privéleven en mijn professioneel leven moet goed zitten. Ze versterken elkaar, het is vaak de privésfeer die me de energie geeft om zo hard te werken. Omgekeerd ook: net omdat het zo druk kan zijn op het werk, probeer ik privé ook echt aanwezig te zijn. Veel mensen zijn misschien wel vaak thuis, maar niet aanwezig. Je kent dat wel: je zit in de zetel, je partner vertelt iets en je kan je vijf minuten later niet herinneren wat die gezegd heeft. Ik probeer te aanwezig zijn in het moment, ik ben daar echt mee bezig.

 

[...]

 

Het volledige verhaal van Jeroen? Dat leest u in het gratis boek 'Vele (om)wegen naar groei'. Downloaden is de boodschap!